Bijdrage Pieter Grinwis aan de Algemene Beschouwingen 2020

Pieter Grinwiswoensdag 16 september 2020

Voorzitter, de coronapandemie van de afgelopen maanden houdt ons een spiegel voor. Het virus heeft zwakke plekken blootgelegd: niet alleen bij onszelf, maar zeker ook in onze stad. Dat is wat een spiegel doet: die toont ons de werkelijkheid zoals deze is, de ware staat van de stad, het omzien naar elkaar, het harde werk in zorg en onderwijs, maar ook de onzekerheid, de eenzaamheid, de kwetsbaarheid. Corona als spiegel, ook voor ons als overheid. Zeker op rijksniveau, maar ook hier maken we vaak politieke keuzes alsof burgers louter individuen zijn. Zelfredzaam, rationeel, onafhankelijk. Overheden overschatten daarmee niet alleen het ‘doenvermogen’ van veel burgers - denk aan het toeslagenstelsel - maar miskent daarmee ook dat we pas echt ten volle opbloeien als mens in relatie tot elkaar. Zonder nabijheid, zonder relaties is het leven maar al te vaak armzalig, leeg en eenzaam.

Ik zie het aan de oudere vrouw bij mij uit de kerk die zich eenzaam voelt, omdat veel activiteiten digitaal zijn en ze niet goed weet hoe ze een iPad moet bedienen. Ik zie het aan een nichtje, die op haar kleine studentenkamer de colleges volgt en het contact met medestudenten mist. Ik zie het aan een vriend die met een chronische ziekte tobt, dan is alleenstaand echt heel alleen. En zelf prijs ik me gelukkig vandaag dit debat niet digitaal, maar fysiek met jullie te mogen voeren. En bij dit debat stel ik dus het beeld van de spiegel centraal. Eerst kijk ik met jullie in de sociale spiegel, daarna in de financiële en ten slotte werpen we nog kort een blik in de historische spiegel.

Sociale spiegel

Voorzitter, de coronacrisis dreigt een ongelijkheidsvergroter van jewelste te worden. En dat baart me grote zorgen in onze al zo gesegregeerde stad. Op de arbeidsmarkt, in het onderwijs en qua eenzaamheid.

 Werk

Allereerst de arbeidsmarkt. De afgelopen jaren heeft het aantal ZZP’ers en flexwerkers een hoge vlucht genomen. Dat is niet los te zien van overheidsbeleid. En deze mensen zijn het eerste slachtoffer bij een crisis. Dat wisten we eigenlijk allang. En nu zien we het voor onze ogen gebeuren. In onze stad vooral onder jongeren en arbeidsmigranten. Geen baan kunnen vinden of van de een op de andere dag werkloos. De vraag: is het college voorbereid om de verwachte verdubbeling van de werkloosheid in onze stad het hoofd te bieden? Staan de warmtepomp-installateurs et cetera bijvoorbeeld klaar om jongeren met gouden handen uit onze oude stadswijken op te leiden? Dit is de kans voor onze wethouder duurzaamheid om de beste wethouder van werkgelegenheid ooit te worden. Graag reactie.

Onderwijs

Voorzitter, gedurende de lockdown dit voorjaar konden onze kinderen 6 volle weken niet naar school. Dat voelde voor hen soms als vakantie, zeker met het veelal mooie weer. Wat ik maar even het zomervakantie-effect noem, was na deze 6 weken dan ook merkbaar. Aan de ene kant het kind van de niet zelden goed opgeleide ouder die boeken las en de kans niet kreeg zijn schoolwerk te verzuimen. Aan de andere kant het kind dat thuis geen fijne plek heeft noch de juiste middelen om iedere dag te blijven leren, te studeren. Sommige kinderen verdwenen zelfs tijdelijk helemaal van de radar. En ondanks hard werken van scholen en allerlei organisaties die zorgden voor voldoende laptops, staat of valt het onderwijs thuis toch echt met de begeleiding thuis. De leerling, zeker de zwakkere, die vaak ongewild onvoldoende begeleid werd door ouders is verder op achterstand komen te staan. En dan kunnen coalitiepartijen als bijvoorbeeld GroenLinks en de PvdA, waar ik net een interruptiedebatje mee had, hun mond wel vol hebben over het bestrijden van kansenongelijkheid, maar ik zie die woorden niet doorvertaald in de begroting. Waar in 2019 nog ruim € 62 miljoen besteed werd aan de bestrijding van kansenongelijkheid, is er voor 2021 € 60 miljoen beschikbaar, € 2 miljoen minder, terwijl de uitdagingen wis en waarachtig nu groter zijn dan ze in 2019 al waren. Waarom is dit financieel geen topprioriteit voor college en coalitie? Of wordt hier de coronareserve voor aangewend?

Welzijn

Voor de coronacrisis was Den Haag al koploper op het gebied van eenzaamheid - meer dan de helft van de inwoners ervaart eenzaamheid en ik ben bang dat we onze koploperspositie uitbreiden as we speak, alle hartverwarmende initiatieven in onze stad ten spijt. Het ingezette actieplan tegen eenzaamheid lijkt me een goede eerste stap om het ‘gif van eenzaamheid’ te bestrijden, maar door gelijktijdig verder te gaan met de bezuinigingen op het welzijnswerk, is het de vraag of het niet dweilen met een te hard openstaande kraan is. Per saldo bezuinigt het college immers. Graag reactie.

 

Financiële spiegel

Voorzitter, deze begroting is gemaakt met de rug tegen de muur. Natuurlijk, vanuit mijn perspectief als raadslid namens de ChristenUnie/SGP-fractie is het niet moeilijk om minpunten in deze begroting te vinden, ik noemde het al – minder budget voor bestrijding van onderwijsachterstanden en welzijnswerk – maar in generieke zin doet het college verstandige dingen: het bezuinigt niet extra bovenop de voorgenomen bezuinigingen uit het coalitieakkoord, het verzwaart ook de lasten niet extra en het college teert dus fors in op de algemene reserve. Sterker, de algemene reserve halveert volgens het college tot 24,5 miljoen eind 2021. En merkt voormalig wethouder Revis daar fijntjes bij op op pagina 18: de algemene reserve is daarmee 72 miljoen euro te laag! Hadden we die 31 miljoen extra aan het Cultuurpaleis maar niet uitgegeven, de nu al 5,5 miljoen extra aan het mislukte project op het KJ-plein, die 5 miljoen extra aan het busplatform en ga zo maar door.

Voordat ik hierop doorga, spiegel ik u even voor hoe ongekend laag dat is in mijn historische perspectief als raadslid in deze mooie stad. Begin 2014 eindigde het college uit de toen voorbije periode met een algemene reserve van meer dan 158 miljoen euro. Het college dat in juni 2014 aantrad, vond dat allemaal veel te hoog, kocht politieke verschillen af met geld en verlaagde de algemene reserve tot 85 miljoen en deed allemaal leuke en minder leuke dingen met dat geld. Het was immers toch maar dood geld, dat kon je maar beter laten rollen, zeiden nota bene de PvdA en de VVD in koor. Aan zo’n over algemene reserves en solvabiliteit zeurende Grinwis hadden ze geen boodschap. Maar voorzitter, reserves zijn geen honingpotten waar je telkens nog een ‘likseltje’ uit neemt; het zijn stroppenpotten voor tegenvallers en barre tijden!

En nu resteert slechts 24,5 miljoen aan algemene reserve op een begroting van meer dan 2,7 miljard, dat is minder dan 1%. Een half procentje meer uitgaven, een half procentje minder inkomsten, even afgezien van de coronareserve, en we hebben überhaupt geen algemene reserve meer over. De marges zijn echt flinterdun, terwijl de na-ijlende crisisklap voor onze stad en economie nog moet komen. Voorzitter, nu zal ik hier geen verhaal gaan houden met als strekking: I told you so. Wel wil ik het college een spiegel voorhouden. Welke les trekt het college uit het feit dat de algemene reserve nu ineens 72 miljoen te laag blijkt? Natuurlijk, het Rijk levert te weinig boter bij de gedecentraliseerde vis. Natuurlijk, een pandemie zoals Corona heeft wel heel veel impact. En natuurlijk, nu in crisistijd extra bezuinigen of belastingen verhogen zou zeer onverstandig zijn. Maar de college-oplossing voor dit probleem is wel heel magertjes. Drie maatregeltjes, zonder tijdpad daarbij, zonder bedragen, zonder goede onderbouwing. Welke wonderen verwacht het college van dit herstelplan? Kortom, kan over het beoogde herstel van de algemene reserve op weg naar de begrotingsbehandeling meer duidelijkheid komen, zo is mijn vraag. En graag een beetje grondig. En nog een waarschuwing: gemeentelijk vastgoed verkopen dat geen beleidsmatig doel dient, dat baart mij zorgen, dat ‘geen beleidsmatig doel’. Die doelen willen namelijk nogal eens wijzigen. Daar had wat mij betreft moeten staan: ‘geen maatschappelijk doel dient’. Graag reactie. Bovendien is er bij verkoop van vastgoed hetzelfde risico als bij de verkoop van Eneco: je hebt een incidentele opbrengst, maar de structurele opbrengst - huur - ben je kwijt.

Historische spiegel & democratisering

Voorzitter, dit jaar vieren we dankbaar 75 jaar vrijheid. De generatie die oorlog en bevrijding heeft meegemaakt wordt kleiner en kleiner. Straks is er niemand meer die uit eerste hand kan vertellen hoe de bezetting van Nederland werkelijk was en welke morele dilemma’s daarbij kwamen kijken. Voor je het weet denken we te makkelijk dat wij wel aan de goede kant van de geschiedenis zouden hebben gestaan en veroordelen we anderen, zonder zelf goed in de spiegel te kijken. En om een lang verhaal kort te maken, daarom dien ik samen met ik met collega Van der Werf van D66 het initiatiefvoorstel in getiteld: ‘Een spiegel naar het verleden’. Door het plaatsen van een spiegel en QR-code bij een aantal monumenten nodigen we bezoekers uit om na te denken over de reflectieve vraag: wat zou jij doen? Dat is ons voorstel en ik ga er met alle plezier met u over in gesprek. Ik overhandig dit voorstel zo meteen in de schorsing graag samen met collega Van der Werf aan u en/of aan de verantwoordelijk wethouder. En natuurlijk een dikke streep onder de woorden van collega Van der Werf om het IJspaleis te ontdooien en meer bewoners beter te betrekken bij de besluiten die we hier allemaal nemen, besluiten die vaak veel mensen raken, en die te vaak over hen gaan zonder hen.

Slot

Voorzitter, ik werp nog een laatste blik in de spiegel en kijk op die manier vanuit dit atrium naar buiten. En ik zie daar een prachtige maar kwetsbare stad: hard geraakt door de coronacrisis, sociaal en financieel. En dat brengt me terug bij de essentie en hernieuwde les van deze coronapandemie: we hebben elkaar nodig om tot bloei te komen. Alleen samen staan we sterk. En om dat te realiseren hebben we niet alleen een overheid die en college dat werk maakt van versnelde investeringen in bijvoorbeeld infrastructuur, energietransitie en woningbouw - heel goed allemaal - maar is het juist nu belangrijk niet te bezuinigen op bijvoorbeeld welzijnswerk en het aanpakken van onderwijsachterstanden. Dit zijn geen kostenposten, maar minstens zo belangrijke investeringen in de goede levenskwaliteit in en rechtvaardige toekomst van onze stad. Dank u wel.

Labels

« Terug

Reacties op 'Bijdrage Pieter Grinwis aan de Algemene Beschouwingen 2020'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Eerdere nieuwsberichten > 2020

september

juli

juni

mei

maart

februari

januari