Bijdrage Cynthia Ortega aan het algemeen overleg Arbeidsmarktbeleid.

donderdag 26 januari 2012 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Cynthia Ortega-Martijn als lid van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een algemeen overleg  met minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en staatssecretaris De Krom van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Onderwerp:   Arbeidsmarktbeleid

Kamerstuk:   29 544

Datum:            26 januari 2012

Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie): Voorzitter. Er wordt gesproken over weer een crisis. Ik meen dat we ons nu echt zorgen moeten gaan maken. Ad-hocoplossingen met interventies op de arbeidsmarkt zullen niet het effect hebben waarop wij hopen, want alles hangt met alles samen. De ChristenUnie wil daarom dat de regering in actie komt en zich gaat inzetten voor een integrale benadering van de arbeidsmarkt. Er moet over de grenzen van de afzonderlijke ministeries heen worden gekeken. Kom met een vernieuwend integraal plan en met een toekomstagenda voor de arbeidsmarkt en werkgelegenheid. Is de minister bereid om inderdaad dit initiatief te nemen? Premier Mark Rutte deed in 2010 de verkiezingsbelofte dat hij voor 400.000 extra banen zou zorgen. Helaas voeren we dit debat niet met de minister-president. Daarom vraag ik de minister en de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, zij zijn allebei van VVD-huize, eens goed te bekijken waar we nu staan.

De situatie is verder verslechterd; de werkloosheid loopt snel op. Er wordt voorspeld dat we de komende maanden een aantal van 500.000 werklozen naderen. In plaats van meer werk komt er dus minder werk. De ChristenUnie is tijdens de begrotingsbehandeling van Sociale Zaken en Werkgelegenheid al met een actieplan gekomen. We moeten denken in mogelijkheden. De urgentie is te groot om maar te blijven wachten. Mijn fractie is daarom zeer verbaasd over de uitspraak van de minister-president in een interview in het tv-programma Buitenhof van twee weken geleden. Hij zei: we zullen gaan voelen dat de werkloosheid verder zal stijgen. De regering spreekt met één mond. Ik vraag de minister of ik uit de uitspraak van de minister-president de conclusie moet trekken dat de regering zich hierbij neerlegt. Ik hoor graag een reactie.

Ik begrijp heel goed dat we nu geen 400.000 extra banen kunnen creëren, maar ik vraag van het kabinet maximale inspanning om werkgelegenheid te behouden en waar mogelijk te versterken. Daarom citeer ik de minister-president tijdens het gesprek met president Obama: jobs, jobs and jobs. Kom bijvoorbeeld met hervormingen van de WW. Maak sociale partners verantwoordelijk voor de eerste fase en voor "van werk naar werk". Verlaag de kosten van arbeid door iets te doen aan de tweede schijf van de loon- en inkomstenbelasting. Wacht hiermee geen maanden. Versterk de concurrentiepositie en houd mensen aan het werk. Waar mogelijk kunnen overheden zelf werk naar voren halen, zoals gebeurde bij de uitvoering van het crisispakket van 2009. Dit zal moeilijk zijn, maar we moeten niet in beperkingen denken. Ik noem de bouw als voorbeeld. De stimuleringsmaatregelen van het vorige kabinet kostten weliswaar 360 mln., maar leverden 1,1 mld. extra aan bouwproductie op. Graag krijg ik een reactie op het actieplan dat ik bij de begrotingsbehandeling heb ingediend. Duizenden mensen extra in de WW kost immers veel geld. Ik kom vandaag niet alleen met een klaagzang. Het is in ieder geval toe te juichen dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een speciaal bouwteam met experts uit de bouwwereld, de overheid en kennisinstellingen heeft ingesteld. Dit team gaat zich buigen over de vraag hoe de woning- en de utiliteitsbouw sterker uit de crisis kunnen komen.

Het vorige kabinet, waarvan de ChristenUnie deel uitmaakte, is tijdens de vorige crisis met het Actieplan Jeugdwerkloosheid gekomen en heeft daarmee succes geboekt. Zo zijn 170.000 jongeren aan de slag gegaan, waarvan de helft zelfs geen startkwalificatie had. Inmiddels heeft 80% van deze jongeren regulier werk gevonden. Het Actieplan Jeugdwerkloosheid was een crisismaatregel. Nu is het opnieuw crisis. De regering stelt dat de jeugdwerkloosheid nog altijd fors lager is dan tijdens het hoogtepunt van de vorige crisis. Het is onbegrijpelijk dat dit voor de regering blijkbaar reden is om achterover te leunen en niets te doen. Wij moeten niet wachten tot het weer zover is. Ik vroeg de regering aan het begin van mijn betoog om met een integraal plan en een toekomstagenda voor de werkgelegenheid en de arbeidsmarkt te komen. Laat de regering daarin een apart hoofdstuk opnemen over jeugdwerkloosheid. Laat er ook op dit gebied sprake zijn van daadkracht.

Waarom is er trouwens nog steeds sprake van een mismatch op de arbeidsmarkt? Enerzijds is er werkloosheid en anderzijds zijn er allerlei vacatures die niet vervuld kunnen worden. Ik hoor hierop graag een reactie.

De aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt is belangrijk voor kwetsbare jongeren. De Inspectie Werk en Inkomen (IWI) oordeelt positief over de samenwerking tussen UWV en het voortgezet speciaal onderwijs, maar niet over de inzet van de gemeenten. Juist de gemeenten krijgen de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Wet werken naar vermogen. Geeft de huidige inzet van de gemeenten de staatssecretaris vertrouwen voor de toekomst? Ik hoor hierop graag een reactie.

De staatssecretaris zegt dat hij de ontwikkelingen volgt. Dat is goed, maar hij moet ook in actie komen als het niet goed loopt. Nu blijkt dat het niet goed loopt. Ik vraag daarom of de staatssecretaris met de VNG het gesprek wil aangaan om de inspanning van de gemeenten te verbeteren. Ik wil dat er concrete afspraken komen. Wat is hierbij de inzet van de staatssecretaris?

Uit de programmarapportage Activering jongeren blijkt bovendien dat de participatieplannen voor jongeren met een arbeidsbeperking goed werken. Komen de participatieplannen terug in de Wet werken naar vermogen? Graag hoor ik hierover een toezegging van de staatssecretaris.

In het onderwijs staan grote wijzigingen op stapel. Ik noem de invoering van de nieuwe leerwegen in het voortgezet speciaal onderwijs en de invoering van het passend onderwijs. Deze wijzigingen hebben gevolgen voor de uitstroom van jongeren naar werk. Bieden deze ontwikkelingen volgens de staatssecretaris voldoende garantie voor leerlingen? Kunnen zij zich goed voorbereiden op de doorstroom naar betaald werk?

Ik hoor graag meer over de stand van zaken rond de werkscholen. Hoeveel werkscholen zijn er en wat zijn hiermee de eerste ervaringen? De Landelijke Cliëntenraad heeft zorgen geuit over de financiering van de trajecten aan de werkscholen voor de komende jaren. Deelt de staatssecretaris deze zorgen? Of kan hij garanderen dat er voor alle zwakke leerlingen genoeg plaats zal zijn? Ik hoor hierop graag een reactie.

De afgelopen tijd is er veel te doen geweest over de aangepaste ontslaginstructie van UWV. Een zorgpunt daarbij is of het niet te makkelijk wordt om vaste medewerkers te vervangen door flexmedewerkers. Dit lijkt voorlopig niet te worden bevestigd, althans niet door de cijfers die de minister heeft gestuurd, maar dit zegt nog niets over de ontwikkeling in de komende tijd. Ik houd graag een vinger aan de pols. Daarom vraag ik of de minister bereid is om over een jaar de resultaten van een monitor over de uitvoeringsinstructie naar de Kamer te sturen. Ik hoor ook graag waarom de minister denkt dat het toetsen van de Verklaring arbeidsrelatie winst uit onderneming (VAR-wuo), de inschrijving bij de Kamer van Koophandel en fiscaal ondernemerschap voldoende zijn om de inzet van schijnzelfstandigen te vermijden.

De voorzitter: Mevrouw Ortega, ik waarschuw u dat u nog een halve minuut spreektijd hebt. Gaat dat lukken?

Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie): Ik kom toe aan mijn slot.

In het bijzonder ga ik in op de misstanden in de prostitutie. Het probleem van schijnzelfstandigheid van Roemeense en Bulgaarse prostituees is groot. Achter de schijnzelfstandigheid gaat gedwongen prostitutie, mensenhandel en stelselmatig seksueel misbruik schuil. Juist van vrouwen uit Roemenië en Bulgarije is bekend dat zij vaak slachtoffer zijn van mensenhandel. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het rapport "Kwetsbaar beroep. Een onderzoek naar de prostitutiebranche in Amsterdam". De reactie van de minister hierop vind ik niet afdoende. Hij schrijft: als baliemedewerkers signalen van mensenhandel herkennen, komen die signalen ter beschikking van andere ketenpartners in de bestrijding van mensenhandel. Is zo'n vrouw daarmee geholpen? Nee. Immers, als zo'n vrouw ondanks signalen van mensenhandel toch wordt ingeschreven, faciliteert de Kamer van Koophandel willens en wetens mensenhandel. Dat is onacceptabel. Hopelijk is dat ook niet de bedoeling van de minister. Als er sprake is van een vermoeden van mensenhandel, moet inschrijving achterwege blijven zolang niet is vastgesteld dat er echt sprake is van zelfstandigheid. De wet biedt daarvoor toch de ruimte? Inschrijving in het handelsregister kan immers achterwege blijven als de opgave strijdig is met een wettelijk voorschrift, het recht, de openbare orde of de goede zeden. Ik verwijs hiervoor naar het Handelsregisterbesluit. Waarom stelt de minister dat niet als norm? Ik hoor hierop graag een reactie.

Is er een eenduidig meldpunt waar medewerkers van de Kamer van Koophandel terecht kunnen met vermoedens van mensenhandel? Wij horen van medewerkers dat zij niet weten waar zij terecht kunnen. De ChristenUnie pleit daarom voor een eenduidig meldpunt. Is het mogelijk om vrouwen persoonlijk een aanvraag te laten doen of om ze met hulp van een medewerker van de Kamer van Koophandel zo'n aanvraag te laten invullen? Dit lijkt een veel betere gang van zaken dan die waarbij de vrouwen een door een pooier ingevuld formulier afleveren? Graag hoor ik hierop een reactie.

De voorzitter: Mevrouw Ortega, ik wil niet meteen de sfeer verpesten, maar u hebt echt uw tijd overschreden. U lacht nu opgelucht, maar ik ga de goede zeden nu ook in de commissie handhaven. Ik ga echt toezien op de spreektijd en ik sta ook minder interrupties toe, anders komen we niet uit. Het woord is aan de heer Klaver van de fractie van GroenLinks.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

Labels
Bijdragen
Cynthia Ortega

« Terug

Archief > 2012 > januari