Bijdrage André Rouvoet Algemeen Overleg Kansspelen

woensdag 13 april 2011 14:00

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Voorzitter. Na lezing van de brief kwam er in mij een andere associatie op: wel een nieuwe ronde, namelijk de ronde van Teeven, maar geen nieuwe kansen. Ik zie wel nieuwe en grote risico's. Op pagina 3 geeft het kabinet expliciet aan afscheid te nemen van het beleid zoals dat tot nu toe is gevoerd en geeft het aan van plan te zijn een nieuw beleid te gaan voeren; terwijl in de vorige kabinetsperiodes vooral de risico's bepalend zijn geweest voor de invulling van het beleid, zou nu een meer eigentijdse benadering van dit beleidsveld wenselijk zijn. Dat is een omslag van beleid. Mijn keuze zou het niet zijn.

Sinds ik Kamerlid werd, in 1994, is dit de eerste brief over gokken waarin het woord "restrictief" niet voorkomt. Dat is geen toeval. In deze brief wordt afscheid genomen van het restrictieve kansspel- en gokbeleid van de afgelopen kabinetsperiode, en daarmee ook van het beleid van Donner, Hirsch Ballin en alle andere ministers van justitie in de tussenliggende periode. Ik was er niet helemaal gerust op toen het beleid op het gebied van veiligheid en justitie, en dus ook het gokbeleid, in handen kwam van VVD-bewindslieden. Ik heb de staatssecretaris al een beetje leren kennen in zijn vorige hoedanigheid. Ik betreur het zeer dat hij nu alle ruimte krijgt om in beleid om te zetten wat hij als Kamerlid vond. Overigens maakt de relativerende lichaamstaal van de heer De Liefde mijn ongerustheid alleen maar groter.

Wat de ChristenUnie betreft moet er worden vastgehouden aan het restrictieve beleid. Het is nu toch vooral vrijheid, blijheid: gokken via internet wordt gelegaliseerd, het staatscasino wordt geprivatiseerd en ook andere casino's krijgen de ruimte. Dat is voorwaar een gokbeleid waarbij alle liberalen hun vingers aflikken. Ik betreur het zeer dat de doelstellingen tot dusver, namelijk het voorkomen van kansspelverslaving, het beschermen van de consument en het tegengaan van criminaliteit en illegaliteit, naar de achtergrond worden gedrongen. De risico's zijn niet meer leidend voor deze staatssecretaris.

Dit beleid vloeit overigens niet voort uit het regeerakkoord. Daarin staan twee opmerkingen over het gokbeleid. Beide opmerkingen hebben met geld te maken, weinig met zorg en niets met kansspelverslaving. Er wordt ook geen nieuw beleid aangekondigd. De vraag is dus of dit beleid echt gedragen wordt door de coalitie; ik hoor straks dan ook graag wat mevrouw Van Toorenburg te zeggen heeft. Ik heb echter niet de indruk dat afgesproken is om het hele gokbeleid van de afgelopen kabinetsperiode op de schop nemen. Ik hoor graag als er afspraken zijn gemaakt die ik niet ken of als het een VVD-aangelegenheid is. Voorlopig ga ik er op basis van de kabinetsbrief van uit dat het hele kabinet dit beleid in ieder geval steunt.

Wij volgen de staatssecretaris kritisch op al zijn wegen. Zo heeft hij in een interview met het blad PokerNews -- dat is niet mijn dagelijks leesvoer, maar je vindt wel eens wat in de trein -- het volgende gezegd: pokeren is misschien wel verslavend, maar niemand heeft er last van; het levert geen overlast op. Als dat de nieuwe toon wordt van het gokbeleid, houd ik mijn hart vast. Hij vergeet namelijk te vermelden dat mensen ook al eeuwenlang en wereldwijd niet meer los kunnen komen van kansspelen. Alleen al in Nederland zijn er 40.000 gokverslaafden en een kleine 80.000 risicospelers. Daar hoor ik de staatssecretaris niet of te weinig over. De ellende die gokverslaving veroorzaakt in het leven van mensen, bij hun naasten en hun verre omgeving is groot. Veel gokkers komen uiteindelijk in de verslavingszorg terecht.

In de aanloop naar dit overleg heeft de ChristenUnie contact gezocht met een aantal instellingen die zich bezighouden met die behandeling van gokverslaafden. Wij hebben hun gevraagd om een reactie op de plannen van het kabinet. De teneur van hun reacties was dat men zich grote zorgen maakt. Instellingen als GGZ Nederland, Tactus Verslavingszorg, Stichting De Hoop en andere stellen dat het vrijgeven van de gokmarkt onvermijdelijk zal leiden tot een forse groei van de toestroom van patiënten in de verslavingszorg. De kraan wordt opengezet en ondertussen wordt er bezuinigd op de dweilploeg. Deze instellingen hebben immers ook te maken met de ambitie van het kabinet om de groei in de ggz af te remmen en terug te dringen, en met de onvermijdelijke bezuinigingen in de zorg.

Kan de staatssecretaris eens in kaart brengen wat de gokverslaving ons kost? Wat zijn de maatschappelijke kosten van gokverslaving? Dat moet onderdeel van onze beraadslagingen zijn; hij kan dat met zijn collega van VWS toch ook makkelijk boven water krijgen. Heeft de staatssecretaris ook contact gezocht met de verslavingsinstellingen bij het uitzetten van dit beleid? Indien niet, gaat hij dat dan alsnog doen? Mijn fractie is van plan om, als de plannen van de staatssecretaris wat concreter worden ingevuld, opnieuw om de tafel te gaan zitten met deze instellingen. Dat kunnen wij als Kamer gezamenlijk doen, maar daar kunnen wij het nog over hebben.

 

De heer Bontes (PVV): Ik bespeur bij de heer Rouvoet een zekere vrees ten aanzien van het internetgokken. Nu leidt het massaal gokken op internet tot verslaving, maar krijgt de overheid er geen vinger achter omdat ze er geen zicht op heeft. Hoe kijkt de heer Rouvoet daar tegenaan?

 

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Die discussie voeren wij al heel lang op allerlei terreinen. Ik heb nogal wat processen meegemaakt waarbij de gedachte was: als we het maar legaliseren, komt het vanzelf goed. Wij hebben ook de brokken daarvan gezien, zoals bij het drugsbeleid. Onlangs heeft de Kamer bij het prostitutiebeleid de conclusie getrokken dat het niet werkt. Ook daarbij werd gedacht dat als wij legaliseren, wij de misstanden kunnen tegengaan. Alleen maar legaliseren en vervolgens niet investeren in daadwerkelijke zorg, lost het probleem niet op. Meer principieel moet je de vraag stellen of je alles moet legaliseren wat in het schemergebied gebeurt. De overheid moet ook strepen trekken en aangeven dat er betere manieren zijn om een zinnige levensvervulling te vinden.

 

De heer Bontes (PVV): Dan kan ik niet anders concluderen: als u het niet weet, vindt u het dus niet erg.

 

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Ik kan het niet helpen dat de heer Bontes geen andere conclusie kan trekken.

Kan de staatssecretaris ook concreet aangeven hoe hij kwetsbare groepen wil beschermen? Ik lees daar wel een of twee zinnetjes over, maar ik krijg er geen flauw idee van wat dit nu betekent. Als je de markt "opengooit" -- zo spreekt een liberaal daarover -- is het risico voor kwetsbare groepen groter. Ik heb nog geen flauw idee hoe de staatssecretaris die kwetsbare groepen wil gaan beschermen, wat hij wel zegt te willen gaan doen. Als een markt wordt vrijgegeven, staat voor casino's en aanbieders van kansspelen op internet vooral de winstgevendheid voorop en niet het tegengaan van kansspelverslaving. Hoe krijgen wij een effectief preventiebeleid? Welke eisen mag je bovendien nog stellen, afgaande op de Europese jurisprudentie, als je die markt vrijgeeft? Uit eerdere uitspraken bleek dat dit dan niet eenvoudiger wordt.

 

De voorzitter: Wilt u afronden?

 

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Eigenlijk niet, maar het zal wel moeten.

Sommige mensen zeggen dat het hek van de dam is als zaken zoals online-pokeren eenmaal nationaal zijn vrijgegeven. Dan is de toegang naar internationale sites ook vrij. Kan de staatssecretaris daarop reageren?

Enkele aanbieders van kansspelen, waaronder Holland Casino, willen DigiD gebruiken om het gokken op internet te begeleiden. Sluit de staatssecretaris dat uit? DigiD is bedoeld voor het verkeer tussen overheid en burgers en niet voor commerciële gokpaleizen op internet. Ik maak mij zorgen als ik zie dat internetaanbieders gegevens opslaan om het spelgedrag van hun spelers in kaart te brengen. Door een koppeling aan DigiD kan die informatie een-op-een worden gelinkt. Ik vraag de staatssecretaris hoe de totstandkoming van dit soort commerciële databanken, die het gevolg van zijn beleid zullen zijn, zich verhoudt tot het voornemen van het kabinet om de informatieveiligheid en de bescherming van persoonsgegevens te verbeteren.

Wat de ChristenUnie betreft, maakt de staatssecretaris van het gokdossier een voorbeelddossier om zijn eerder genoemde ambities als staatssecretaris waar te maken: stel de slachtoffers voorop, voorkom de uitbuiting van gokverslaafden en bevorder preventie van kansspelverslaving. De kraan moet niet verder open maar verder dicht. Restrictief, niet liberaliseren.

 

Labels
André Rouvoet
Bijdragen

« Terug

Archief > 2011 > april